Binnenkatten bestaan eigenlijk niet. Een binnenkat is namelijk geen apart ras dat zich na zorgvuldige fokselectie heeft aangepast aan een leven binnenshuis. Binnenkatten zijn katten die binnen worden gehouden en niet naar buiten kunnen of mogen. En dat dient helaas niet altijd het welzijn van de kat en kan ook tot gedragsproblemen leiden.
Binnen heeft een kat in veel gevallen onvoldoende mogelijkheden voor het uitoefenen van zijn natuurlijke gedrag zoals jagen en exploreren. Het natuurlijke leefgebied van een kat kan variëren, maar is vaak vele malen groter dan een gemiddelde woning. Daarnaast is een binnenomgeving altijd hetzelfde terwijl een kat buiten voortdurend blootgesteld wordt aan allerlei uitdagingen. Verveling ligt dus snel op de loer met als gevolg frustratie, sloopgedrag, agressie en overmatig miauwen.
Bij katten die met meerdere katten binnen leven, kan zich nog een ander probleem voordoen en dat is dat ze elkaar onvoldoende uit de weg kunnen gaan. Katten die niet bevriend zijn en elkaar niet opzoeken voor vriendschappelijke interacties, willen graag afstand houden van elkaar. Dat is in een binnenomgeving maar beperkt mogelijk waardoor er vaak stress ontstaat. Een kat beweegt dan niet meer vrijuit en is altijd op zijn hoede.
Natuurlijk zijn er individuele verschillen en past de ene kat zich beter aan een binnenomgeving aan dan een ander. Ook is er uiteraard een verschil tussen een flat en een huis met drie verdiepingen. Een jonge actieve kat, en zeker een jonge kater, op een appartement of flat is echter bijna altijd een slechte combinatie. Als mensen dat toch graag willen dan zou ik ze in ieder geval twee kittens tegelijk adviseren.
Katten binnenhouden betekent ook concessies doen. Het is namelijk niet reëel om een kat op een appartement van alles te verbieden, zoals in de slaapkamers komen of op tafels springen. Ook kost het de eigenaar tijd om de benodigde jachtpartijen te faciliteren met speelhengels. Daarnaast wordt de inrichting vaak een stuk minder smaakvol met de noodzakelijke klimbomen en krabpalen. Een kat kun je nu eenmaal niet aanpassen aan de omgeving, maar de omgeving wel aan een kat.
Wat betreft meerdere katten in een flat of appartement moet er misschien een stelregel komen; niet meer katten dan beschikbare kamers. Katten kunnen elkaar dan uit de weg gaan en hoeven zich niet altijd in elkaars blikveld te bevinden. Het is dan ook belangrijk om in iedere kamer resources aan te bieden, zoals voer, water, slaapplek en kattenbak. Een kat kan dan zelf kiezen waar hij is en wordt niet ‘gedwongen’ de ander te ontmoeten.
Deze column gaat over het welzijn van binnenkatten en is niet per se een pleidooi voor het massaal naar buiten laten van katten. Hoewel ik er wel een voorstander van ben om katten naar buiten te laten, vind ik namelijk ook dat we katten geen onnodig gevaar moeten laten lopen en dat ze geen overlast mogen veroorzaken.
Deze column verscheen eerder op AnimalsToday.

Stel, mensen hebben er met de beste bedoelingen een kat bij genomen en dit blijkt helemaal verkeerd uit te pakken,ondanks een voorzichtige 
Geef je kat allereerst de mogelijkheid om dagelijks alle ruimtes in huis te verkennen. Heb je een balkon? Installeer dan een kattenluik in de balkondeur. Misschien kun je een kattentrappetje maken naar een (veilige) binnentuin? Dit kan zelfs vanaf 4 hoog, zie bijvoorbeeld mijn Pinterestpagina
Hoe denken katten? Wat gaat er om in het hoofd van de kat? Onderzoek naar cognitieve functies zoals waarnemen, leren, onthouden, beslissen, redeneren, problemen oplossen en tellen is helemaal hot, en niet alleen bij mensen. Zo zijn er wereldwijd verschillende onderzoeksgroepen die onderzoeken hoe dieren denken en zijn er in de afgelopen 10 jaar heel veel artikelen over cognitie bij honden gepubliceerd. Onderzoek naar de denkwereld van katten is helaas zeldzamer.

Tip 1 Blaasontsteking of –gruis
Heb je ook een kat die je wakker houdt? Die ’s nachts over je heen loopt, je voeten aanvalt, je wakker miauwt of aan de slaapkamerdeur krabt? Er wordt vaak gedacht dat een kat eenzelfde slaappatroon heeft als mensen. Maar
Een gezonde kat die onbeperkt brokjes heeft staan zal geen honger hebben. Hij kan eten wanneer hij wil en hoeft er niet om te zeuren. Meerdere keren een klein beetje eten past ook beter bij het natuurlijke eetgedrag van katten. Als een kat niet met het onbeperkte aanbod om kan gaan en te dik wordt, kan er beter wel een afgewogen hoeveelheid gegeven worden maar dan verspreid over vier porties.




tten kan tot agressie leiden. Een kat kan gefrustreerd raken als hij een bepaald doel voor ogen heeft en hij daarin belemmerd wordt. Of wanneer hij een bepaalde verwachting heeft die niet uitkomt. Als reactie hierop kan hij reageren met agressie richting degene die de frustratie veroorzaakt of op een ander die toevallig in de buurt is. Dit kan naar mensen zijn, maar ook naar andere dieren in huis. Als een kat bijvoorbeeld denkt naar buiten te mogen en je staat dat niet toe, dan kan hij naar je gaan blazen of uithalen. Het lijkt op redirectie-agressie, waarbij er ook sprake is van afreageren, maar bij redirectie-agressie is er echter al opgebouwde spanning over iets aanwezig. Denk bijvoorbeeld aan een kat die spanning opbouwt bij het zien van een andere kat in de tuin en die deze spanning afreageert op zijn huisgenoot die naast hem in de vensterbank zit (of springt). Bij frustratiegerelateerde agressie is de gemoedstoestand van de kat neutraal totdat hij gefrustreerd raakt.